zaterdag 10 november 2012

Dichtersbankje | Wim van Til

Foto: © Hans Mellendijk | Tuin van St. Bernardus | Bredevoort


Uit de collectie Mellendijk (keuze dichter, foto en gedicht) t.g.v. uitreiking Gelderse Pauwenveer: Wim van Til>


ENUMATIL

Verworden tol tussen wegen die vertragen
in het dorp en linksom rechtsom daarvandaan
versnellen tot de breekbare einder van gras.

Tot voorbij de bruggen, tot voorbij aan de Poffert
duurt nog mijn dag waar de tijd zich al inslijt.
Aan het eind van mijn adem keer ik terug.

Dat ik hier vergroeien zal in het lieflijke huis, in de
rustvolle tuin, in de kim van haar huid. Verknoken
zal ik in jouw schoot nu de nacht zich verwittigt.

Nu zich ontsluit wat in het kapsel reeds sluimert.
Dat ik hier de veraste testamenten ontwaak, uit deze aarde
een gestalte licht die mijn gids is in wat altoos al mankeerde.

© Wim van Til, 2002
uit de cyclus 'In G'

donderdag 8 november 2012

Dichtersbankje | Lodewijk Post

Foto: © Bert Bevers | Kammenstraat | Antwerpen

Uit de collectie Mellendijk (keuze tekstdichter en lied) voorraad Bevers: Gerrit den Braber (Lodewijk Post)>

Spiegelbeeld

Spiegelbeeld vertel eens even
Ben ik heus zo oud als jij
Is het waar, ben ik twintig
Is m'n tienertijd voorbij
'k Ben wel jong maar ik ben toch niet zo jong meer als ik was
'k Ging zo graag nog een keertje
Terug naar de klas 

Spiegelbeeld 'k kan je haten
Want je geeft geen dag terug
Waarom gaan toch die jaren
Als je jong bent zo vlug
'k Ben wel jong maar er is toch al zoveel herinnering
Spiegelbeeld uit al die jaren
Vergeet ik geen ding 

Spiegelbeeld m'n eerste vriendje
Was een joch zo oud als ik
'k Kreeg van hem m'n eerste zoentje
't Was een heerlijk ogenblik
'k Ben wel jong maar dat zou ik nog zo graag eens overdoen
Quick quick slow, de eerste dansles
Wat was ik nog groen
'k Heb alleen nog wat foto's en die zeggen 't me weer
't Is voorbij, m'n eerste baljurk
Die draag ik niet meer



Willeke Alberti 

Oorspronkelijke titel: Tender years
Tekst en muziek: D. Edwards
© 1961 (1963) Editions Altona


George Jones
Teressa Brewer

Johnny Hallyday

dinsdag 6 november 2012

Dichtersbankje | Gerard den Brabander

Foto: © Bert Bevers | Kerkstraat | Ossendrecht


Uit de collectie Mellendijk (keuze dichter en gedicht) voorraad BeversGerard den Brabander>

Nocturne

Wuft de handschoen, wuft het klein gebaar, 
wulpsch de mond en ’t licht in d’ oogekieren, 
wolvenbeet de bont om ’t blonde haar: 
vrouwen zijn de wonderlijkste dieren. 

Bidt de mond den appelbeet te vieren, 
wijkt de blik te wimper voor gevaar, 
waait de scheemring over lustrivieren, 
wenkt het lied over de nachtgitaar, 

beeft het woud onder den roep der stieren, 
wiegt de slang – de melodie gewaar – 
weiflend over spleten zich en wieren: 

schrijft de vleermuis met nerveuze zwieren 
mij den wil voor van den toovenaar, 
dien ik met een schreeuw in u ervaar. 


Gerard den Brabander (1900-1968) 
Uit: "Verzamelde verzen" 
Uitgever: G.A. van Oorschot, Amsterdam



zondag 4 november 2012

Dichtersbankje | Maria Vasalis

Foto: © Bert Bevers | Markt | Ossendrecht



Uit de collectie Mellendijk (keuze dichter en gedicht) voorraad Bevers: Maria Vasalis>


Fanfare-corps


De lucht scheen blinkend door de blaren, 
bleek en volmaakt als glas geslepen. 
Met vaste manlijke gebaren 
werden de horens aangegrepen, 
en luidkeels zonder enig schromen 
spoot de muziek tussen de bomen; 
heldhaftig, trots. Een onverbloemde 
voor elk verstaanbare muziek, 
die aan het ademloos publiek 
ieder gevoel met name noemde. 

En even plots werd dit geklater 
gedempt, twee koopren kelen weenden... 
-over het donkergroene water 
gleden twee smalle witte eenden 
geluidloos als een droombeeld voort- 
De horens, smekend en gesmoord 
schenen hen dringend iets te vragen 
hen volgens met haast menslijk klagen.

© Maria Vasalis, 
uit Parken en woestijnen, 
uitgeverij van Oorschot 1940


vrijdag 2 november 2012

Dichtersbankje | Kris Pint

Foto: Bert Bevers | Mermaid Street | Rye

Uit de collectie Mellendijk (keuze dichter en gedicht) voorraad Bevers: Kris Pint>

De kleine zeemeermin

Wie liefheeft verliest haar
stem voor lichaam, spoelt
aan als een drenkelinge
op een ver, vreemd strand

toen je mij vond kon ik
niet meer spreken dus zong
ik mijn liefde met strelende
vingers tot jouw hand

mij losliet en mijn lippen
openscheurden, rood
niet meer te stelpen

hoor, je woont
in mij zoals de zee
in lege schelpen

© Kris Pint

uit: 'Vrouwenvertrekken', 2004.